Fado’s uit Friesland. Jan Kleefstra
Fado’s uit Friesland
Jan Kleefstra
De schoonheid van het Friese landschap wordt beeldend door hem bezongen. Diens woorden zijn daarbij steevast zwart omrand. De in Akkrum geboren Jan Kleefstra weent om wat zoal verloren is gegaan. Weemoed werpt aldoor schaduwen. Ook verdriet vergezelt bij voortduring de Fries.
Een AI typeert het werk van Kleefstra als ecopoëzie. Dat is een waar woord! Maar er is meer. De Friese dichter lijkt met diens woorden ook te willen oproepen wat er niet meer is. De impressionistische poëet worstelt met het moment dat hij had willen eternaliseren. Zo zie ik het tenminste.
Nog altijd moet een leven met een droom beginnen. Een blik op de hemel desnoods. Dit schrijft Kleefstra hoopvol in Ruisen van berken (Aspekt 2026). Hierin laat hij de lezer tevens weten het land aan het woord te willen laten. Het bewerkte land in alle tijden alle plagen, ieder zonlicht en haar koude koortsen.
Ik geef desbetreffende Friese dichter in dezen graag alle ruimte! Vandaar onderstaand vraaggesprek.

Een interview met Jan Kleefstra
Wilde je als klein ventje al dichter worden?
Nee. Als jongetje wist ik niet wat ik wilde worden. Ik leefde mijn leven en dacht niet te veel over de toekomst na. Pas toen de wereld me overviel en ik zag wat het menszijn voor invloed had op het landschap en het niet-menselijk leven dat mij altijd als jongetje had omringd en had gefascineerd en waarvan ik dacht dat het eindeloos zo zou blijven, had ik het schrijven en de muziek nodig om me staande te houden. En omdat ik geen instrument kon bespelen, niet kon tekenen of schilderen, maar wel veel van lezen hield, ben ik gaan schrijven.
Welke poëzie uit Friesland lees je graag, of wil je aanbevelen.
Ik lees vrijwel geen poëzie en ik ken geen poëzie uit Friesland die ik zou willen aanbevelen. De meeste poëzie stelt mij teleur, raakt mij niet of brengt me niet in verwarring of vervoering.
Zijn er misschien dichters buiten Friesland die je vroeger aanspraken, of eventueel zelfs in deze tijd? Ik zelf lees af en toe iets van Marsman, Bloem en Weemoedt. Onlangs ontdekte ik van Edgar Allan Poe diens gedicht Alone.[1] Dat maakte indruk. Hoe sta jij erin? Is bijvoorbeeld vogelaar en dichter Hans Dorrestijn iemand naar je hart?
Zoals ik zei lees ik heel weinig poëzie, maar als ik toch een naam moet noemen, kan ik de Poolse dichter Adam Zagajevski aanbevelen.[2] Die is zeer de moeite waard. Verder hou ik van Ryzji, Tsvetaeva en Beckett.[3] En Brodsky bewonder ik vooral om zijn voordrachtskunst.[4]
All art is quite useless. Dit beweerde ooit Oscar Wilde. Natuurlijk klinkt zoiets geestig, maar waar is het niet. Kunst kan mensen verleiden tot een stedentrip. Musea dagen uit tot een bezoek. Films lokken mensen naar art houses. En ook al achtte de Franse geleerde Pascal het niet thuis kunnen blijven de oorzaak van alle ellende, we gaan toch welgemoed op pad. Hoe denk jij hierover?
In the end zal alle kunst zinloos zijn gebleken, want ooit zal er een eind aan het leven op Aarde komen en zal ook de gemaakte kunst vervallen. Maar gedurende een leven kan kunst heel waardevol zijn. Voor mij persoonlijk verdiept en verrijkt kunst de beleving van mijn leven en het leven om mij heen. Ik ben voortdurend op zoek naar schrijvers, muzikanten, schilders die mij in verwarring of vervoering brengen, die mijn emoties raken. Als voorbeeld: ik werk al meerdere jaren samen met schilder Christiaan Kuitwaard. We zijn samen inmiddels op bijna 130 verschillende plekken geweest om iets te maken. Dat zijn intense ontmoetingen met alles wat er leeft en is op die verschillende plekken. Maar Christiaan als schilder beleeft die plekken heel anders dan ik als schrijver. Zijn manier van kijken verruimt mijn belevingswereld en dat heeft weer invloed op mijn schrijven en de woordkeuzes die ik soms maak. Zo gaat dat voortdurend met kunst die ik zie of hoor of lees. En ik ben daar eindeloos nieuwsgierig naar.
Emil Cioran noemt gedichten schrijven uitgestelde zelfmoord.[5] Hoe zie jij dit? Licht je antwoord gerust toe!
Nee, schrijven is voor mij noodzakelijk om mij staande te houden in dit leven. Maar tegelijkertijd kan ik eindeloos genieten van het lezen en schrijven van boeken. Dit geldt ook voor het luisteren naar muziek. Ik heb geen idee wat met die uitgestelde zelfmoord wordt bedoeld. Mijn schrijven heeft geen relatie met mijn eigen dood. Schrijven intensiveert mijn verhouding tot alles om mij heen. Het is voor mij heel waardevol. En ik vind het zelf heel mooi. Dat klinkt misschien raar, maar ik kan mezelf ontroeren met mijn eigen werk, omdat ik weet dat het niet alleen van mij is, maar dat ik hiertoe in staat ben gesteld door alles wat het leven mij heeft geleerd.
Diezelfde Cioran zegt dat alleen de dood binnen ons bereik ligt. Hoe sta jij daarin?
Dood bestaat niet. Dood is het begin van nieuw leven. Het is enkel een stadium in de voortgang van al het leven. Er is geen dood en geen geboorte. Ons bewustzijn is zich bewust van de afbraak van het lichaam waarin het leven tijdelijk vorm heeft gevonden, maar dat wil niet zeggen dat dat ook het eind ervan is.

Met de dood begint het echte leven. Dit las ik in je boek Een kruitocht, over Aarde. Zet je daarin wormen en maden niet te zeer op een voetstuk?
Nee. Er is de planeet Aarde en daar is door wat voor omstandigheden dan ook leven ontstaan. En vanaf het allereerste begin is al dat leven onlosmakelijk met elkaar verbonden. Het is maar een heel beperkte zone rondom de Aarde waarbinnen het leven mogelijk is. En die hele bulb van leven binnen die zone, daar maken wij deel van uit. En ik zie niet in welk recht wij zouden hebben om ons van al het andere leven te onderscheiden, simpelweg omdat wij de hoogmoed hebben aangegrepen door te zijn wat we nu zijn en daarvoor allerhande religies, sprookjes, en wat dies meer zij hebben bedacht om die hoogmoed te rechtvaardigen. Ik vind dat ik evenveel recht op een volwaardig bestaan heb als een regenworm of een veldleeuwerik. Want uiteindelijk ben ik niets meer of minder. Ik ben ook niet mijn lichaam. Mijn lichaam bestaat uit miljarden micro-organismen. Mijn lichaam is een groot reservaat van levende wezens. Ik besta helemaal niet. En tegelijkertijd besta ik omdat ik spreek en voel en schrijf en me daar bewust van ben. Maar ik zet mezelf niet op een voetstuk, maar tegelijkertijd zet ik daarmee andere wezens ook niet op een voetstuk. Misschien dat de Aarde op een voetstuk mag staan, maar ook dat is maar tijdelijk.
Soms lijkt het dat je ooit een radicale keuze hebt gemaakt voor niet-menselijk leven ten koste van de homo sapiens. Waarom? Hou je niet van mensen?
Ik hou van het leven en daarin maak ik geen onderscheidende keuzes tussen menselijk en niet-menselijk leven. Mensen maken deel van het leven uit. Als ik het menselijk leven af zou wijzen, zou ik toch niet idolaat kunnen zijn van de muziek van Pärt of de boeken van Cartarescu.[6] Maar evenveel kan ik idolaat zijn van de slaapvlucht van meeuwen of de zang van de zwartkop.
Niettemin ben je getrouwd en heb je kinderen! Hoe moet dit alles worden begrepen?
Ik zie niet in waarom dat niet zou kunnen. Binnen het houden van al het leven, kun je persoonlijk heel intens betrokken raken bij andere mensen, je familie, je echtgenote, je kinderen, medemuzikanten, enzovoort. Net zo goed als mensen ook heel intens verbonden kunnen raken met een huisdier, een vogel of hun geboortegrond.
Waar voel je jezelf het meeste mee verbonden? Met je familie en vrienden? Je dorp? Friesland? De grond, het licht en de lucht?
Ik voel me nergens specifiek mee verbonden. Ik voel me verbonden met al het leven binnen die bulb van leven dat de Aarde omringt. Dat zou overal kunnen zijn, maar toevallig ben ik in Akkrum geboren en woon ik er nog om de zielsverbondenheid met het leven om mij heen hier uit te diepen en te begrijpen en me daarover te verwonderen binnen alle verhalen die mijn leven inmiddels vullen. En daarover te schrijven. En de elementen maken dat alleen maar wonderlijker. De invloed van licht, wind, wolken, water is magisch. Daarin speelt het leven zich af. Het is onwaarschijnlijk mooi. Daarom doet het ook zoveel pijn om te zien hoe de mensheid zich hierin gedraagt en nog steeds de hoogmoed tentoonspreidt alsof het de mensheid zelf is die dit wel weer even zal herstellen.
Streef je met je werk ten diepste toch onsterfelijkheid na? Om in het menselijk bewustzijn voort te leven moet echter voor een misantroop een hel zijn. Hoe sta jij erin?
Ik streef geen onsterfelijkheid na, want ook die bestaat niet. Zoals de mensheid nu als lemmingen op de afgrond afholt, zal al hetgeen mensen hebben gemaakt en hebben achtergelaten van geen enkele betekenis zijn, behalve dat het diepe wonden in het leven op deze planeet heeft geslagen. Ik leef enkel een leven en schrijf omdat ik dat mooi vind en omdat ik het nodig heb om dit leven te doorstaan.
Hoeveel boeken staan inmiddels op jouw naam? De Romeinse keizer Marcus Aurelius vond dat hij er niets mee opschoot als zijn boeken nog werden gelezen terwijl zijn gebeente verbleekte. Herken je dit gevoel?
Ik heb inmiddels 13 boeken/bundels op mijn naam staan en samen met mijn broer ruim 30 muziekreleases die wereldwijd zijn verschenen.[7] En zoals ik hiervoor zei schrijf ik omdat ik dat mooi vind. Schrijven helpt mij dieper door te dringen in de zielsverbondenheid met alles wat mij omringt, in stilte en in de vertraging en het helpt mij een dieper begrip te vinden voor alles wat er om mij heen gebeurt en wat mijn zintuigen waar kunnen nemen. Door daarover te schrijven intensiveert dat mijn beleving en mijn verbeeldingswereld. En met het schrijven hoop ik andere mensen te raken en dat zij zich ook bewust worden van het wonderlijke leven door daarvoor nu en dan een vers van mij lezen.
Welk boek van je moeten mensen zo snel mogelijk gaan lezen? En waarom?
Ik weet dat er maar weinig mensen zijn die poëzie lezen. Al zou het simpelweg lezen van 1 of 2 verzen per dag al veel kunnen betekenen. Ik ben nog altijd blij met de bundels/boeken die ik heb gemaakt. Maar het boek dat mij tot dusver het meest heeft verwonderd, is Een kruitocht, over Aarde. Voor dat boek moest ik over een tijdsspanne van 54 dagen iedere dag iets schrijven over plekken waar ik van mijn leven nog nooit was geweest en ook nooit zou komen. Maar omdat ik mij altijd waar ik ben onmiddellijk verbind met het landschap en het leven om mij heen, bleek ik dat ook te kunnen op een virtuele wijze en een wijze waarbij mijn verbeeldingskracht mij die plek en de omstandigheden eigen wist te maken. Als ik nu de teksten achteraf teruglees, voelt het alsof ik fysiek op die plek aanwezig ben geweest, terwijl ik er nooit ben geweest. Ik heb toen beseft dat er geen vreemde grond is en dat je als mens nergens een vreemdeling bent. De teksten in dat boek ontroeren me nog altijd heel sterk en het heeft mezelf bewust gemaakt van hoe diep het schrijven deel van je zijn kan worden. Ook ondanks dat ik maar een dag de tijd had om een nieuwe tekst te maken, die ik ’s avonds al los moest laten, geheel tegen mijn gebruikelijke werkwijze in waarbij het jaren en jaren kan duren voordat ik een vers los durf te laten.
Google noemt je vooreerst een musicus. Welke instrumenten bespeel je?
Ik heb nooit een muziekinstrument gespeeld. Ik bespeel de pen. Ik word veel aan muziek gerelateerd, omdat ik meer dan 20 jaar samen met mijn broer in allerhande nationale en internationale samenwerkingen muziek heb gemaakt. Ik ben daarin de stem en draag in die muziek verzen voor. Anderen bespelen de instrumenten en maken de muziek. Het is altijd improvisatiemuziek geweest, vooral heel verstild en dichtbij de minimale klanken die je ook kunt horen als je buiten bent.
Van welke muziek hou je het meest?
Verstilde, ietwat melancholische, landschappelijke/ruimtelijke muziek. In al die jaren van mijn leven heb ik veel muziek verzameld en geluisterd. Ik vind het altijd moeilijk om te zeggen waar ik het meest van hou. Er is zoveel moois. De afgelopen tijden luister ik veel naar Arvo Pärt, Sarah Davachi, minimalistische lang uitgesponnen klanken.[8] Maar ook The White Birch, John Luther Adams, Machinefabriek, Kara Lis Coverdale, Max Richter, Greg Haines, Es, Kali Malone, The Cure, enz.[9] Er is teveel mooie muziek om te noemen. En dan heb je ook nog de losse stukken. Ik ben geen groot fan van Henryk Gorecki, maar zijn Symfonie nr 3 is een van de mooiste stukken muziek die ooit is gemaakt.[10]
De theoloog Augustinus noemde ooit muziek de echo Gods. Geloof je in de hemel en in een Schepper? Geloof je überhaupt in iets buiten de zintuiglijk waarneembare werkelijkheid?
Niet dat ik weet. Ik denk daar nooit veel over na. Ik geloof niet dat er iets is buiten de directe waarneembaarheid. Wel voor ons mensen, want ons bereik is maar zeer beperkt, dus missen we heel veel dat er wel is. Wij hebben hersenen gekregen, waar we veel mee kunnen in vergelijking met andere wezens, maar daar hebben we sterk op ingeboet met onze kracht en zintuigen. Dat wat wij spiritueel en een andere werkelijkheid noemen, is iets wat er volgens mij simpelweg is, maar wat wij niet meer waar kunnen nemen. We hebben dat denk ik eerder wel gekund, want de natuurvolkeren, de inheemse volkeren, hebben die waarnemingen en die relatie met alles om ons heen nog wel. Misschien dat we daar nu en dan nog een glimp van opvangen, van iets dat we ooit hebben bezeten, maar kwijt zijn geraakt, dat we nu spiritueel noemen.
Plaats je inheemse volkeren niet te veel op een voetstuk? Maak je met deze optiek de werkelijkheid niet erg zwart wit? De westerse cultuur gaat terug naar het oude Athene en Jeruzalem, leerde ik op school. Maar Europa was en is natuurlijk een uiterst kleurrijke lappendeken. Daar wordt vaak aan voorbijgegaan in het huidige (westerse) anti-westerse denken. Edoch, dit is een ideologische constructie met bepaalde politieke doelen, of zie jij het anders?
Nee, het gaat hier maar om één onderwerp, namelijk onze relatie met onze omgeving en al het leven om ons heen. Daartoe heb ik de inheemse mens genoemd. Verder niet. In die relatie ben ik zelf ook een inheems mens op mijn Friese geboortegrond. Maar een inheems mens zal nooit kunnen begrijpen dat wij, vooral vanuit economisch gewin en hebzucht, massaal bossen kappen, grond om en om blijven ploegen, miljarden dieren per jaar doden, desastreus veel vlees en zuivel consumeren, delfstoffen winnen, enz. Het is een fatalisme waarmee we ons eigen graf graven en volstrekt respectloos omgaan met de Aarde en het leven dat ons is gegeven. Dat heeft de Westerse cultuur ons, naast al het schone, uiteindelijk gebracht. George Steiner heeft daar een mooi boek over geschreven in relatie tot woord en muziek en hoe onze cultuur in het licht daarvan almaar verder verarmt.[11]
Leven volgens jou alleen mensen op zijn tijd in een morele dimensie? Licht je antwoord gerust toe. De eerdergenoemde Cioran omschreef de samenleving ooit als een hel vol wereldverbeteraars. Hoe beleef jij het?
Ik maak me heel erg druk om de teloorgang van het landschap en wat wij mensen het niet-menselijk leven aandoen. Maar ik ben erachter gekomen dat dat niet enkel van deze tijd is. Dat is van alle tijden. In de 17e en 18e eeuw maakten de Engelsen zich al erg druk over de veranderingen die de intensivering van de landbouw met zich meebracht voor het landschap. En in Oom Wanja van Tsjechov zit een prachtig stuk waarin aan de hand van kaarten het verlies aan bos wordt beschreven.[12]
En ik weet niet of dat alleen menselijk is. Een boom lijkt zich niet zo druk te maken, maar we weten dat ook bomen, planten en dieren spanning kunnen ervaren. En hoe we dat dan willen noemen weet ik niet, en of dat vergelijkbaar is met onze morele dimensie, maar het is vergelijkbaar met onze onrust.
Ik put voor het gemak nu eventjes uit Tolkiens In de ban van de ring. Je kent vast die scène waarin Saruman zijn onderknuppels de aarde laat plunderen vanwege diens oorlogszucht en machtswellust. De scène eindigt met een uitzinnig schreeuwende tovenaar. To war! De vraag is natuurlijk of een politicus als Ursula von der Leyen met Saruman mag worden vergeleken. Kallas, Jetten en bijvoorbeeld Bontebal zouden in deze vergelijking dan Orks en Uruk-hai zijn, spiritueel gezien. Hoe denk jij hierover?
Ik ben allergisch voor macht en geweld en voor mensen met grote ego’s. Ik heb de afgelopen jaren ervaren dat er heel veel mensen met een groot ego zijn, ook mensen waarvan we denken dat die het beste met de Aarde voor hebben. En dat zijn er nogal wat. Veel van die mensen zoeken het podium in de politiek, in het bedrijfsleven, op sociale media, of anderszins. Ik word daar erg verdrietig van, zeker als daar onverschilligheid, geweld, hoogmoed, hebzucht, of wat dan ook aan ten grondslag ligt of een gevolg van is. En omdat dit mij gegeven leven maar heel kort is, heb ik mij voorgenomen zoveel mogelijk zaken die mij verdriet doen, te mijden en me te concentreren op het wonderlijke leven om mij heen en de schoonheid van de elementen te ondergaan. Ik probeer me zoveel mogelijk uit de mensenwereld terug te trekken om in de bossen en velden te dwalen en me over te geven aan het geduld en de overgave van al het zijn.
Geloof je in die ene ring van macht om allen te regeren? Zou het kunnen dat de eerder vermelde majestueuze Von der Leyen journalisten omkoopt opdat zij hagiografisch over haar zullen schrijven en waarheidsvinding over haar en de Europese Unie vakkundig mijden? Draai ik door, of denk je er ook zo over?
Dit interesseert mij werkelijk niet. Ik geloof niet in macht. Macht is gestoeld op hoogmoed en hebzucht en die zijn totaal misplaatst als mens zijnde. Dat dit mij niet interesseert beschouw ik niet als onverschilligheid, maar het is totaal onbelangrijk. Wat veel belangrijker is, zijn de vlinders in je tuin, de bui die overtrekt, de heggemus die zingt, de geur van lindebomen, de zon die doorbreekt. Daar geef ik mij aan over. Daar wil ik over schrijven. Dat is het enige waarover ik wil schrijven.
Noten
[1]
[2] https://en.wikipedia.org/wiki/Adam_Zagajewski.
[3] https://en.wikipedia.org/wiki/Boris_Ryzhy; https://en.wikipedia.org/wiki/Marina_Tsvetaeva; https://nl.wikipedia.org/wiki/Samuel_Beckett.
[4] https://nl.wikipedia.org/wiki/Joseph_Brodsky.
[5] https://lareviewofbooks.org/article/philosopher-failure-emil-ciorans-heights-despair/; https://en.wikipedia.org/wiki/Emil_Cioran.
[6] https://nl.wikipedia.org/wiki/Arvo_P%C3%A4rt; https://nl.wikipedia.org/wiki/Mircea_C%C4%83rt%C4%83rescu.
[7] https://kleefstrabros.bandcamp.com/.
[8] https://en.wikipedia.org/wiki/Sarah_Davachi.
[9] https://en.wikipedia.org/wiki/The_White_Birch_(band); https://en.wikipedia.org/wiki/John_Luther_Adams; https://nl.wikipedia.org/wiki/Machinefabriek_(muziek), https://en.wikipedia.org/wiki/Kara-Lis_Coverdale; https://nl.wikipedia.org/wiki/Max_Richter; https://www.operaballet.nl/en/greg-haines; https://upsettherhythm.co.uk/es.shtml; https://en.wikipedia.org/wiki/Kali_Malone, https://nl.wikipedia.org/wiki/The_Cure.
[10] https://nl.wikipedia.org/wiki/Henryk_G%C3%B3recki.
[11] Zie onder meer: G. Steiner, Real Presences (1986); In Bluebeard’s castle, 1971; Anno Domini 1974); Language and silence (1967).
[12] https://nl.wikipedia.org/wiki/Oom_Vanja.














Wereldfaam








Jeugd
Hollywood


Mayo sierde in de Verenigde Staten veelvuldig de covers van filmbladen en fameuze modetijdschriften. Ook voor de omslag van het populaire magazine Look werd ze gevraagd als model. In The best years of my life vertelt ze hierover een veelzeggende anekdote. Ann Blyth, Bette Davis en ik mochten ooit poseren voor een van hun covers. Ann was die bewuste dag reeds op de afgesproken plek. Daar hebben we flink zitten kletsen tot Davis binnenkwam. Mayo beschrijft vervolgens in haar autobiografie onverbloemd deze karaktervolle actrice. Zonder iets tegen ons te zeggen, begon ze een gesprek met een van de al aanwezige fotografen. Op een bepaald moment werd ons gevraagd om te gaan staan voor een pose. Ik besloot te lachen voor het plaatje. Het interesseerde me totaal niet of La Davis dit wel zou waarderen. Mayo eindigt haar verhaal over deze diva en beruchte pestkop voor haar doen zeer vilein. Ze dacht de koningin van Hollywood te zijn. Ze dacht boven iedereen te staan. Mensen waren minne wezens voor haar, ook Ann en ik. Er was Bette Davis en daaronder wriemelde de rest der mensheid.
Begin jaren vijftig schreef de sultan van Marokko een brief naar de filmmaatschappij van Mayo. Hierin liet hij weten dat ze niet alleen een groot actrice was, maar ook een metgezel in zijn vrolijke en verdrietige momenten. Voorts benadrukte deze exotische vorst dat in zijn optiek haar schoonheid het tastbare bewijs was van het bestaan van God.













Vermoedelijk kreeg ze vanwege haar gevorderde leeftijd vier jaar lang geen filmrol aangeboden. Althans, dit is de uitleg die Stanwyck hieraan gaf.

Ik wil mijn vrouw morgen Volendam laten zien. Dit vertelde Taylor vervolgens in de lounge van hun hotel. Een journalist bracht daarna het vorige bezoek van de acteur in herinnering. Toentertijd werd de man bestormd door tientallen meiden. Deze uitzinnige fans trokken vervolgens alle knopen van zijn jas en namen die mee als souvenirs.
Hollywood beschouwt dit huwelijk als bijzonder goed. Op zich is het heel bijzonder als een filmhuwelijk binnen acht jaar niet wordt verbroken, vervolgde de journalist van De Noord-Ooster, een Groningse krant.








In de herfst van 1932 zorgde Dagover voor geëxalteerde recensies met haar optreden in de Princesseschouwburg te Den Haag. In de hofstad speelde ze de hoofdrol in Der Kuss vor dem Spiegel van Lazlo Fodor. Haar tegenspeler in dit drama was Ernst Deutsch. Deze acteur zou later onder meer nog een rol spelen in The third man (1949), de befaamde film noir van Carol Reed.
Ten tijde van het Derde Rijk bleef Dagover onverdroten films maken. In meer dan twintig films speelde ze in die periode een rol. Veelal moest zij zich inleven in een gravin, markiezin of keizerin. In deze adellijke gedaanten zag het publiek haar blijkbaar het liefste.
In het jaar dat ze tot Staatsschauspielerin werd verheven, speelde ze in Fridericus en in Die Kreuzersonate, naar een verhaal van Lev Tolstoj.








Brigitte Helm werd in 1906 geboren te Berlijn.
Niet alleen Greta Garbo, Louise Brooks en Leni Riefenstahl schitterden in films van Georg Pabst. Ook Brigitte Helm toonde zich in Abwege (1928) een ware prima donna. In deze rolprent speelt ze een verveelde en gefortuneerde vrouw die haar geluk zoekt buiten haar huwelijk en een affaire begint. Een jaar later vertolkte ze de rol van een blinde dame in Die Liebe der Jeanne Ney. In Die Herrin von Atlantis (1932) liet zij zich als vorstin danig gelden, zeker in visuele zin.
Mensen uit de filmwereld omschreven toentertijd Helm steevast als stipt en geduldig. Praatjes maken met collega’s behoorde evenwel niet tot haar repertoire.
Na haar huwelijksfeest vertrok ze met haar kersverse echtgenoot naar het Zwitserse Ascona. Op deze wijze ontliep ze haar gevangenisstraf. Haar vlucht leverde haar in het prille Derde Rijk een filmverbod op.



Brooks werd in 1906 geboren te Cherryvale, een kleine stad in Kansas. Haar vader was een succesvolle advocaat, die opging in zijn werk. Haar moeder leefde voor de kunst en schijnt te hebben gedacht dat haar vier kinderen zichzelf wel zouden opvoeden.
In New York raakte ze bevriend met Barbara Bennett, een toneelspeelster in spe.
Mogelijk mede door haar werkzaamheden bij de Follies kreeg ze als negentienjarige contracten aangeboden door twee filmmaatschappijen. Na enig dubben koos ze voor een verbintenis van vijf jaar met Paramount, ook al had Walter Wanger erop aangedrongen dit niet te doen.
Medio oktober 1928 werd Brooks met haar beminde in het Berlijnse Eden hotel ondergebracht. Na een paar vrije dagen begonnen ook voor haar de filmopnames. 
Ondanks dit echec werd Brooks gevraagd voor de hoofdrol in Prix de beauté.
Na haar terugkeer in Hollywood bleek er voor Brooks weinig emplooi meer te zijn. Waarschijnlijk stond ze bij velen te boek als moeilijk, zo niet onmogelijk, om mee te werken.
Deze cynische, wereldwijze houding schemert ook door in Brooks boutade: Love is a publicity stunt. Volgens haar was het bedrijven van de liefde niets meer dan een tijdpassering, wachtend op een telefoontje van de filmmaatschappij.
Een door Brooks eind jaren dertig opgerichte dansstudio in Los Angeles ging door financieel wanbeheer al snel failliet. Daarom vertrok ze in de loop van 1940 naar Wichita. 
Zonder de mogol van CBS inderdaad te vermelden, ging Brooks zowaar schrijven. In het essay Kansas to New York herdacht ze haar in 1958 overleden vriendin Barbara Bennett.
Na haar dood in 1985 werd Brooks terstond onsterfelijk. Een gestage stroom artikelen en biografieën over haar kwam op gang die tot aan de dag van vandaag voortduurt.







Een half jaar na haar bruiloft met de journalist Ernst von der Decken vertrok Wieck naar de Verenigde Staten.
Ook gedurende de Tweede Wereldoorlog bleef Wieck acteren. Zo vertolkte ze onder meer een rol in Viktor de Kowa’s Kopf hoch, Johannes! 
Ondanks haar vele filmrollen heeft Wieck zich na de Tweede Wereldoorlog vooral toegelegd op toneel. Ze acteerde niet alleen, maar regisseerde ook. Bovendien zwaaide ze van 1961 tot en met 1967 de scepter over een door haar in West-Berlijn opgerichte toneelacademie. Na vijfenveertig jaar speelde ze op het toneel wederom in Mädchen in Uniform, maar nu in de rol van de onbarmhartige directrice! 













