Blogger

Blogger

Dorian d’Oliveira  is schrijver en publiceert onder diverse pseudoniemen

2006-04-05-13-53-16-medium

Waarom en wanneer ik een dandy ben geworden, kan ik me eigenlijk niet meer herinneren. Het moet ook veeleer een geleidelijk en toevallig proces zijn geweest dan een daadkrachtige en doelgerichte keuze. Het heeft er alle schijn van dat het me gewoon is overkomen. Althans, zo voelt het op dit ogenblik.[1] 

Toch had een intelligente buitenstaander mijn transformatie tot dandy vast kunnen voorspellen. Want wat kon ik anders, na een paar verstofte jaren als Poppers papegaai te hebben geleefd?[2] Misschien is het allemaal begonnen toen ik Friedrich Nietzsche ging lezen. Met zijn boeken lag ik vaak dagen op bed, want in die tijd volgde ik geen colleges en tentamens afleggen deed ik ook zelden. Nietzsche leerde mij de waarde van het leven. Wees de aarde trouw, is een fameuze wapenspreuk van hem.

In de praktijk betekende dit vooral dat ik opging in langdurig baden alsook het nauwkeurig lakken van mijn teennagels. Dat ik genoot van de verwarring als ik blootsvoets op warme dagen langs het Hollandse strand wandelde, wil ik niet verheimelijken. De ontregeling der mensen verbaasde me. Het buiten de lijntjes lopen was blijkbaar gemakkelijk te verwezenlijken!

Het nachtleven veranderde in die tijd voor mij allengs in een onbedwingbare sirene. In studentenverenigingen en op feestjes verscheen ik graag als faun, pierrot of vampier. Ik laafde me aan de ontwrichting die dit gaf en dankzij mijn geverfde gezicht maakte ik bovendien snel contact. ‘Waarom maak jij je eigenlijk op?’ was een vraag die me geregeld werd gesteld. ‘Waarom doe jij het niet?’ was mijn gebruikelijke antwoord. ‘Goeie vraag’, hoorde ik dan nog weleens als reactie.

Bezwoer ik aldus mijn angst voor mensen en stelpte ik zo mijn onbehagen jegens al het menselijk leven en streven? Probeerde ik op deze wijze mijn gebrek aan begrip te camoufleren als ik deelgenoot werd gemaakt van een gelukkig stemmende loonsverhoging van 1,25 procent, of een pas aangeschafte auto? Nu denk ik van wel, maar zonder twijfel ben ik niet.

Wel weet ik met zekerheid dat ik destijds de schoonheid van vrouwen mateloos bewonderde. Naar mijn idee wilde ik toen in hun gezelschap niet al te schril afsteken en daarom ben ik wellicht geworden wie ik nu ben. Met dank aan de vele diners in restaurants en talloze afspraakjes in de kroeg werd ik steeds bedrevener in het eeuwig spel tussen man en vrouw.  

Niettemin ben ik een dilettant gebleven als het om ware kennis over het dandyisme gaat. In dezen ben ik niet uitzonderlijk belezen. Dat het dandyisme volop aan universiteiten wordt bestudeerd en dat er nogal wat master titels en doctoraten worden behaald over dit onderwerp, is mij evenwel niet ontgaan.[3] Ook verschijnen er regelmatig boeken en artikelen over het dandyisme, die ik echter zelden lees. Primum vivere deinde philosophari heeft me veel meer bekoord, mede met dank aan Nietzsche.[4]

In mijn lichtvoetige novelle Nachtengeltjes en driehoekjes zegt een personage -een tweede viool spelend dandyesk type- het volgende over muziek: ‘Muziek overstijgt alles. Alleen in muziek gloort het goddelijke, daar zingt de eeuwigheid. De ware wereld bevindt zich ginds. De zichtbare wereld is een waan.’[5] 

Waarom ik destijds zo graag naar muziek van pop dandy’s als David Bowie en Bryan Ferry luisterde, kan ik momenteel niet ten volle verklaren. Nog steeds luister ik trouwens graag naar hun muziek. Symboliseerden deze artiesten in mijn jeugd vrijheid, stijl en erotiek? Dat zij de ontwerpers van hun eigen leven leken te zijn, zal me vast ook erg hebben aangesproken. Aldus ben ik toch eveneens min of meer de architect van mijn bestaan geworden en geenszins een dandy tegen wil en dank, welbeschouwd.  

If I ‘m not in the picture, they can’t frame me, is een geliefde frase van me. Het getuigt ook van een diep en waarachtig verlangen van me. Ik blijf echt graag buiten beeld, ook al suggereert mijn excentrieke verschijning anders. Ik besef de paradox! Volgens Oscar Wilde leiden paradoxen naar de waarheid, of zijn er een teken van. Wie zal het zeggen?[6] 

Na vele afdalingen en zoektochten in mijn innerlijk heb ik nimmer een groot verlangen naar aandacht kunnen ontdekken. Wel ken ik mijn behoefte aan harmonie en serene studie. Ik ervaar het als een godsgeschenk als ik met rust word gelaten. Doch dat ik af en toe geniet van het dollen met mensen, wil ik niet verhelen. 

Zo achteraf kan ik slechts zeggen dat ik voor het dandyisme volkomen ongeschikt was. Ik ben er veel te gevoelig voor. Als dandy een beroep zou zijn geweest, dan had een arts me gegarandeerd gauw afgekeurd. Mijn gevoelsleven raakte namelijk onmiddellijk ontwricht als ik in het gezelschap van een fraaie en voluptueuze vrouw verkeerde. Woman’s curves are more dangerous than a gun, schijnt Mae West eens te hebben beweerd. In mijn geval had ze ontegenzeggelijk gelijk. Dergelijke schoonheid benevelde me. Ik kon er nauwelijks weerstand aan bieden. Het bracht me in een roes. Ik werd er gewoonweg door verpletterd.

Mijn sensitiviteit maakte een aangepast en geregeld leven zo goed als onmogelijk. En ondanks mijn make-up en excentrieke kleding ben ik er nooit in geslaagd de wereld op een afstand te houden. Iets vergelijkbaars overkwam kennelijk ook Jean des Esseintes, de hoofdpersoon uit Tegen de keer van Joris-Karl Huysmans.[7]

Nauw in verband hiermee staat de vaste wil van de dandy Des Esseintes om te lijken wat hij niet is en niet te lijken wat hij is, schrijft Jan Siebelink in De reptielse geest. In dit boek, dat ik iedereen kan aanbevelen, staan een aantal belangwekkende passages over deze negentiende-eeuwse dandy.[8]

j-p-p-001

Ik besef nu ineens dat ik geheel in gedachten en zinnen verstrikt ben geraakt, terwijl ik juist de intentie had me bondig voor te stellen! Voorstellen betekent verhelderen. Dit ga ik nu doen, ook al wikkel ik me liever in schaduwen. Zo is bijvoorbeeld B. Traven een schrijver naar mijn hart. Over hem doen vele verhalen de ronde en allerlei geruchten worden over hem verspreid. Maar in feite weten we zo goed als niets van deze auteur. Zelfs de vraag waar de B. voor staat, valt niet te beantwoorden. 

Zo ver als Traven zal ik het niet brengen. In de huidige samenleving kan nog zo weinig worden verborgen. Derhalve geef ik ruiterlijk toe dat ik als Dorian d’Oliveira de geschiedenis zal ingaan. Want dat ik uiteindelijk in de boeken zal verdwijnen, is zeker. Is het vreemd dat ik daarom mijn grafschrift al heb bedacht? Eindelijk uitgeteld leek me een geschikt motto om mijn leven en mijn toestand nadien te typeren.

Mijn spaarzaamheid gaat renderen! Ik vertrouw erop dat ik door mijn voorzorgsmaatregelen de eeuwigheid probleemloos zal kunnen trotseren. Mijn burgerservice-nummer en mijn DigiD-nummer laat ik evenwel op mijn grafsteen achterwege. De instanties zullen me na mijn dood vast met rust laten. Zo niet, dan weten ze me op het kerkhof wel te vinden. 

Het geestigste grafschrift dat ik overigens ken is van de Amerikaanse schrijfster Dorothy Parker. Excuse my dust. Vlak voor haar dood heeft ze dit nog vervangen door This is on me. [9]

Terug naar het leven! Achter ironie of absurditeiten zal ik me niet langer verstoppen. Die tijd is voorbij; ik heb bijgeleerd. Ik kom daarom terug op de vraag wie ik ben. Ik schrijf romans en verhalen, maar ik hoor ook verhalen over mezelf. Zo heb ik vernomen dat ik cultuurfilosoof en journalist zou zijn. Tevens is mij ter ore gekomen dat ik getrouwd ben en sindsdien een teruggetrokken bestaan leid.

Volgens een nogal hardnekkig gerucht zou ik het alter ego zijn van de begenadigde Leidse kunstenaar Frank Alblas. [10] Dit rumoer wil ik hierbij weerspreken. Het is een ongerijmde gedachte en een vreemde dwaling. Maar ik zal niet ontkennen dat deze schilder inderdaad ooit een portret van mij heeft gemaakt.[11] Dat ik een pseudoniem zou zijn van de Haagse fotografe Josette Molenaar, moet ik eveneens tegenspreken. Het uiterlijk van deze getalenteerde fotografe bewonder ik zeer, doch het is niet het mijne. Ik behelp me al lang met mijzelf; het is niet anders.

Het verhaal Erna’s wereld beschouw ik als een van mijn betere verhalen. Geheel belangeloos heb ik deze vertelling bijgevoegd aan mijn blog. Ik ben ervan op de hoogte dat Erna’s wereld veel vragen oproept en zelfs misverstanden. Zo is volgens sommigen Erna een verzinsel en anderen zijn ervan overtuigd dat ze een androïde is.[12] In kwesties van literaire aard gaat het veelal om interpretaties en niet om het controleerbaar kunnen achterhalen van de waarheid, zoals dat in de natuurwetenschappen regel is. Ik hou verder mijn mond hierover en hoop dat het verhaal de lezer met een geamuseerd  gevoel zal achterlaten.

Ik werk intussen gestadig door en zoek met graagte de schaduw. De Romeinse keizer Marcus Aurelius beweerde ooit dat men het beste in het verborgene kan leven als het om het levensgeluk gaat. Ik denk dat hij gelijk heeft!

Let’s stick together.

Noten

[1] Wat is een dandy eigenlijk? Door wie en hoe wordt dit vastgesteld? Je kunt er immers geen tentamen in afleggen, of een diploma voor vergaren. Definities over dandy’s zijn derhalve talrijk, evenals de discussie’s over wie een ware dandy is. Ik zelf blijf dolgraag buiten deze vraagstukken en verwijs met liefde naar de volgende sites: https://en.wikipedia.org/wiki/Dandyhttp://www.smulweb.nl/blog/snopsait/5695/wat-is-snobisme-deel-2-de-dandyhttp://www.volkskrant.nl/recensies/dandyisme-als-literatuurwetenschap~a471882/.

 

 

[2]  https://nl.wikipedia.org/wiki/Karl_Popper

[3] Zie: P. van Rij, Fats, flaneurs en ‘fashionables’. Verschillende gezichten van het Dandyisme in Nederland. Uitgave van Jonge Historici Schrijven Geschiedenis (Amsterdam 2011); C. Ehman, The Aesthete, the Hedonist, the Imperialist, and the Dandy: the Construction of Masculinity at the ‘Fin de Siècle’ in Vernon Lee’s “Prince Alberic and the Snake Lady” and J. M. Barrie’s “Peter Pan” (datum en plaats van verschijnen onbekend). http://insomnia.ac/essays/on_nihilism/;http://oscarwilde.projectx2002.org/part3_wilde_postmodernism.htmhttp://poppunt.be/popthesis/dandyisme-heden-verleden/.

[4]Primum vivere deinde philosophari’: ‘Eerst leven dan filosoferen.

Zie: http://www.bouwebrouwer.nl/latijn/citaten.html#P.

[5] Dorian d’Oliveira, Nachtengeltjes en driehoekjes (Uitgeverij Aspekt 2018).

[6] Zie: http://www.brainyquote.com/quotes/authors/o/oscar_wilde.html.

[7] Zie:https://nl.wikipedia.org/wiki/Joris-Karl_Huysmans .

[8] J. Siebelink, De reptielse geest. Over schrijvers (Amsterdam 1981) 66.

[9] http://www.dorothyparker.com/wordpress/dorothy-parker-haunts/dorothy-parker-memorial-garden-naacp-headquarters-baltimore

[10] Funny how secrets travel, zing ik met David Bowie. Zie: http://www.metrolyrics.com/im-deranged-lyrics-david-bowie.htmlhttps://m.youtube.com/watch?v=-jdtMIpF56s

[11] Portret van Dorian d’Oliveira, gemaakt door Frank Alblas. Zie onder.

[12]  Het werk van de Voorschotense schilder Milan Roeterink bestaat geregeld uit een prikkelende parade van androïden. Zie: http://androidart.punt.nl/

DSC01070